Camperroute door het oosten van de Algarve

Het oosten van de Algarve is lang niet zo populair als het westen van de regio. Wat ons betreft niet helemaal terecht, want met al haar schattige vissersdorpjes en stadjes is het een leuk gebied om doorheen te touren!

Monte Gordo

Onze reis begint in Monte Gorde, een klein plaatsje net over de grens van Spanje. Het beschikt over een zeer uitgestrekt strand en leuke straatjes om doorheen te slenteren. Mocht je nog snel wat Nederlandse inkopen willen doen, dan kun je dat hier doen! Door het grote aantal Nederlandse toeristen wordt er zelfs Bolletje beschuit verkocht. Vanuit hier kun je ook Villa Real de Santo Antonio bezoeken om een tour te doen over de rivier tussen Spanje en Portugal (de rio Guadiana) of gewoon lekker door het dorpje te slenteren.

Monte Gordo beschikt over een camping en een camperplaats. Wij verbleven op de camping. Niet perse de meeste inspirerende plek, maar een prima plek om een nachtje te verblijven.

Monte Gordo

Tavira

Daarna zijn wij doorgereden naar Tavira, echt een pareltje van het oosten van de Algarve. Midden door dit stadje met Romeinse invloeden stroomt de rivier Rio Gilão, waar langs je heerlijk een terrasje kunt pakken. Vanaf de vestigingsmuren van het kasteel heb je het beste uitzicht over de stad, wandel dus ook zeker eventjes omhoog. Doordat de stad niet zo groot is voelt het knus aan en kun je er zo een dag vertoeven!

De nacht hebben we doorgebracht in het vissersdorpje Cabanas, net buiten Tavira. Over lengte van het dorpje loopt een boulevard waar je langs de visserbootjes kunt wandelen.

Pego do Inferno

Net buiten Tavira ligt de waterval Pego do Inferno. Alleen al de weg ernaartoe is de moeite waard. Wij bezochten de waterval in november, de tijd van het jaar dat de sinaasappel-, mandarijn- en citroenbomen in bloei stonden. De route leidt dwars door veel van deze plantages heen. Eenmaal bij de parkeerplaats aangekomen is het even zoeken naar de juiste weg, maar als je de kleine paden naar beneden volgt kom je er vanzelf. Helaas stond de waterval bij ons droog, maar desondanks kon evengoed even een duik genomen worden in het watertje waar de waterval doorgaans op uit komt.

Vanaf de waterval zijn wij doorgereden naar het dorpje Quatrim do Sul. Net buiten het dorpje ligt een mooie parkeerplaats aan het water – met uitzicht op de Ria Formosa – waar wij de nacht door hebben gebracht.

Olhao

Olhao staat bekend om zijn vis en bijbehorende vismarkt. Vanaf het (slightly overpriced) terras achter de vismarkt heb je in Olhao een prachtig uitzicht over de Ria Formosa. Dit natuurgebied bestaat uit allerlei eilanden waar je kunt genieten van de stilte van de natuur, maar ook een bezoekje kunt brengen aan een van de zandstranden. Vanaf hier kun je een boot pakken om een bezoek te brengen. Mocht je liever in Olhao blijven, kan dat natuurlijk ook. Achter de vismarkt bevind zich een scala aan kleine straatje, vol met (toeristische) winkeltjes. Aangezien wij op een zondag de stad bezochten waren de meeste winkeltjes en de markt dicht, toch was het zeker de moeite waard om een bezoekje te brengen.

Faro

Ten slotte zijn wij vanuit Olhao doorgereden naar Faro, een stad die wij vooral kenden van goedkope vliegtickets. De stad is compact en prima in een dagje te bezoeken. Net als elke Portugese stad beschikt Faro over een mooie kerk en een pittoresk oud centrum, waar je door de kleine straatjes kunt dwalen. Daarnaast is het zeker de moeite waard Praia de Faro te bezoeken. Dit stukje land ligt net voorbij het vliegveld. Door de uitgestrekte stranden en surf vibe barst het er van de camperbusjes. Wij hebben hier dan ook – ondanks het verboden bord – de nacht doorgebracht.